Colofon

Meldpunt Discriminatie Meppel Hoogeveen Emmen
Discriminatie is het maken van een onterecht en ongeoorloofd onderscheid op
grond van kenmerken die er niet toe doen. De wetgeving verbiedt
discriminatie op grond van de kenmerken:
·
godsdienst
·
levensovertuiging
·
politieke overtuiging
·
ras
·
geslacht
·
nationaliteit of afkomst
·
seksuele geaardheid
·
burgerlijke staat
·
handicap of chronische ziekte
·
leeftijd
·
arbeidsduur en soort van contract (vast of tijdelijk)

Er is daarbij verschil tussen direct en indirect onderscheid;

Directe discriminatie
Hierbij wordt onderscheid gemaakt op basis van 1 van de bovenstaande gronden. Iemand wordt b.v.
geweigerd bij een discotheek, omdat hij van Kongolese afkomst is. Of, er wordt iemand afgewezen
bij een sollicitatie op een baan als receptionist, omdat hij een beenamputatie heeft ondergaan.

Indirecte discriminatie
Hierbij lijkt de gestelde eis op zich redelijk of neutraal, echter via een omweg leidt de eis toch tot
discriminatie. Iemand wordt b.v. geweigerd om een gebouw binnen te gaan met een blindengeleidehond,
omdat honden verboden zijn.

Direct onderscheid is zonder meer bij wet verboden. Met indirect onderscheid ligt het soms moeilijker en
mag dit in sommige gevallen worden toegestaan. Maar alleen als daar een zeer goede reden voor is. Om
dit te kunnen beoordelen kent Nederland de Commissie Gelijke Behandeling. Wanneer iemand zich
benadeeld voelt op basis van 1 van de vormen van onderscheid en komt er in gesprekken niet uit, kan
een klacht ingediend worden bij deze commissie, die na eigen onderzoek, een oordeel uitspreekt.

Vaak komt discriminatie voort uit vooroordelen of stereotypen. Stereotypen zijn heel eenvoudige,
overdreven, typeringen van een persoon of groep. Iedereen kent wel de cartoons over een Afrikaanse
man met dikke lippen. Wanneer die stereotypen aan slaan groeit er vaak een mening over een gehele
groep van mensen. Zoiets noemen we dan een vooroordeel. Op basis van stereotypen en vooroordelen
groeit discriminatie.

Wetgeving

Artikel 1 van de grondwet is de basis van de Nederlandse discriminatiewetgeving.

Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens
godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook is niet toegestaan.


De
Algemene Wet Gelijke Behandeling is een uitwerking van dit artikel en de meest bekende. Daarnaast
bestaat er nog wetgeving m.b.t. de gelijke behandeling van manen en vrouwen, handicap of chronische
ziekte, leeftijd en arbeidsduur.

In het
wetboek van strafrecht is discriminatie uitgewerkt in een aantal artikelen. De volgende vormen van
discriminatie zijn daarin strafbaar gesteld:
·
discriminatoire belediging
·
het aanzetten tot discriminatie of haat
·
het verspreiden van schriftelijk materiaal met een discriminerende inhoud
·
het deelnemen aan een organisatie die erop uit is om mensen te discrimineren of om daartoe aan
te zetten
·
het, opzettelijk, discrimineren bij de uitoefening van een beroep of ambt. (dit wordt door de
wetgever gezien als een misdrijf)
·
het, niet opzettelijk, discrimineren bij de uitoefening van een beroep of ambt. (in de wetgeving
is het onopzettelijke een overtreding)

De Commissie Gelijke Behandeling toetst met name klachten op het gebied van direct of indirect onderscheid
en of dit laatste onderscheid geoorloofd is. Een uitspraak van de commissie is bindend voor de partijen. Er
staat echter geen sanctie op. Het is een oordeel en geen veroordeling, zoals een rechter dit kan doen. Met
een oordeel van de commissie is het echter wel mogelijk om de gang naar de rechter alsnog te maken en
b.v. schadevergoeding te eisen, wanneer men vindt dat er grote schade is geleden.